Grove boeren kippenpaté

Grove boeren kippenpaté is heerlijk als aperitiefhapje of als voorgerecht. Lees hier het volledige recept, alles over de ingrediënten, de bereiding en handige tips! Kijk ook eens onderaan dit recept. Je vindt daar nog veel meer heerlijke recepten van andere hapjes en gerechten.

Bereidingstijd:

2,5 uur

Voor:

12 personen

Benodigdheden:

  • 750 g. kippenbouten
  • 250 g. kippenlevers
  • 2,5 dl. melk
  • 250 g. gekookte ham, dikke plakken
  • 300 g. licht doorregen speklapjes
  • enkele takjes peterselie
  • 1 tl. gedroogde tijm
  • 2 grote uien
  • 50 g. boter
  • 1 dl. rode port (Ruby)
  • peper uit de molen
  • zout
  • ½ tl. gedroogde oregano
  • 1 ei
  • 1 el. bloem, gezeefd
  • 200 g. vet spek, dunne plakken

Bereiding grove boeren kippenpaté:

Neem het vel van de kippenbouten af. Snijd daarna het kippenvlees van de botten af. Snijd het kippenvlees in stukjes. Spoel de kippenlevers onder stromend water af. Verwijder eventuele ongerechtigheden en eventuele galsporen. Leg de levers een uurtje in de melk. Snijd intussen de ham en de speklapjes in stukjes. Maal het kippenvlees, ham en speklapjes door een vrij grove plaat van de gehaktmolen of gebruik er de keukenmachine voor.

Hak de tuinkruiden ragfijn. Snipper de uien. Verhit de boter en fruit de uien al omscheppende tot ze wat kleur beginnen de krijgen. Neem daarna het pannetje van de warmtebron en laat de inhoud afkoelen. Verwarm de oven voor tot ongeveer 180 graden. Plaats iets onder het midden op het rooster in de oven een braadslede of (braad-)pan. Vul de braadslede of pan voor een gedeelte met kokend water. Spoel de kippenlevers opnieuw onder stromend water af. Iedere melkrest dient te zijn verwijderd.

Hak of snijd de kippenlevers in zeer kleine stukjes. Schep in een grote kom het kippenvlees met ham, speklapjes, kippenlevers en de inhoud van het pannetje met de gefruite uien door elkaar. Voeg er vervolgens de rode port, wat peper en zout en de tuinkruiden (fijngehakte peterselie, tijm en oregano) toe. Roer het ei in een kommetje los. Voeg 1 eetlepel water en 1 eetlepel gezeefde bloem toe. Blijf zo lang roeren tot een egaal mengsel is verkregen. Schenk het mengsel door een zeefje in de kom met de overige ingrediënten. Roer alles zo lang door elkaar tot een vrij gladde massa is verkregen.

Bekleed de bodem en de wand van een patépot met de plakken vet spek. Doe het zo dat de plakken een eind over de rand van de pot hangen. Met het overhangende spek kan de vulling later worden bedekt. Schep de vulling in de pot. Dek de vulling af met de overhangende plakken vet spek. Plaats het deksel op de pot. Zet de pot in het water in de braadslede of pan in de oven. Let er wel op dat het water niet de pot in kan stromen. Wanneer de pot voor ¾ gedeelte in het water staat is dat al voldoende. Reken op een oventijd van 90 minuten. Wanneer een (brei-)naald die in de paté wordt gestoken er schoon uitkomt, is de paté gaar. Laat de paté eerst afkoelen. Plaats de paté daarna gedurende 24 tot 48 uur in de koelkast. Dien de paté in de pot op.

Serveer bij de grove boeren kippenpaté sneden grof bruinbrood en zet een potje met (boeren-)boter op tafel. Zoetzure augurkjes en uitjes, en olijven smaken er voortreffelijk bij.

Drink er een koele Beaujolais bij.

Eierpaté met ham

Eierpaté met ham is heerlijk als aperitiefhapje of als voorgerecht. Lees hier het volledige recept, alles over de ingrediënten, de bereiding en handige tips! Kijk ook eens onderaan dit recept. Je vind daar nog veel meer heerlijke recepten van andere hapjes en gerechten.

Bereidingstijd:

120 minuten

Voor:

16 porties

Benodigdheden:

  • 9 eieren
  • 4 el. sherry
  • 8 el. kruim van oud wittebrood
  • 2 dikke plakken gekookte ham, ca. 150 g.
  • 1 ui of 2 sjalotjes
  • enkele takjes bladselderij en/of peterselie
  • 1 rode en 1 groene paprika
  • 200 g. vers vet spek, in dunne plakken gesneden
  • 750 g. kalfsgehakt
  • peper uit de molen
  • zout
  • snufje geraspte nootmuskaat
  • snufje gedroogde tijm
  • 1 laurierblad

Bereiding eierpaté met ham:

Kook 6 eieren hard (8 minuten). Laat de eieren in koud water schrikken en pel ze. Laat ze daarna koud worden.

Klop de overige 3 eieren los en schep er daarna het broodkruim door en laat het mengsel enige tijd staan.

Snijd de ham in smalle repen en vervolgens in minuscule blokjes. Snipper de ui of sjalotjes. Hak de bladselderij en/of peterselie ragfijn. Was de paprika’s, verwijder de steelaanzetten, halveer ze en neem het zaad en de zaadlijsten weg. Snijd het vruchtvlees in smalle repen en vervolgens in minuscule vierkantjes.

Bekleed een patévorm of een cakevorm zó dat een deel van de plakken spek over de rand komt te hangen.

Vermeng het gehakt met het eiermengsel, ham, ui, of sjalot. Voeg naar smaak peper, zout, nootmuskaat en het tussen de vingers fijngewreven tijm toe. Voeg de tuinkruiden toe en meng daarna alles goed door elkaar. Verdeel het gehaktmengsel in twee porties. Voeg aan de ene de blokjes rode en aan de andere portie de blokjes groene paprika toe.

Schep het mengsel met de rode blokjes in de vorm. Strijk het aan de oppervlakte zo glad mogelijk af. Leg de koud geworden eieren in de lengte op het gehaktmengsel. Druk ze tot ongeveer de helft in het gehaktmengsel. Vul de vorm daarna op met de tweede portie van het gehaktmengsel. Strijk het oppervlak glad af en bedek het met de over de vorm hangende plakken spek. Leg daarop het laurierblad. Dek de vorm af met een deksel of met aluminiumfolie waarin met een vork gaatjes zijn geprikt.

Verwarm de oven voor tot ongeveer 175 graden. Plaats de vorm in een passende ovenslee en zet deze op het rooster dat iets onder het midden in de oven is geplaatst. Schenk zoveel kokend water in de ovenslee dat de vorm er voor 2/3 gedeelte in staat. Sluit de oven en temper na 5 minuten de ovenwarmte tot 150 graden. Reken op een oventijd van 80 minuten.

Laat de paté in de vorm afkoelen en laat hem daarna nog 1 etmaal in de koelkast staan. Stort de paté op een snijplank. Snijd de paté in 16 gelijke plakken.

Serveer de eierpaté op een met een servet of taartrandje beklede schotel. Leg er eventueel bij wijze van garnering een fraaie toef krulpeterselie en een of meer kleine (kers-)tomaatjes bij. Presenteer er licht geroosterd brood bij en zet een schaaltje met boterballetjes op tafel.

Gevulde augurken met salami

Gevulde augurken met salami zijn heerlijk als aperitiefhapje of als voorgerecht. Lees hier het volledige recept, alles over de ingrediënten, de bereiding en handige tips! Kijk ook eens onderaan dit recept. Je vind daar nog veel meer heerlijke recepten van andere hapjes en gerechten.

Bereidingstijd:

25 minuten

Voor:

12 stuks

Benodigdheden:

  • 12 middelgrote, rechte augurken uit zoetzuur
  • 75 g. salami, in dunne plakjes gesneden
  • 1 el. paprikasliertjes (rode) uit een potje
  • 3 el. mayonaise
  • peper uit de molen
  • zout

Bereiding gevulde augurken met salami:

Snijd van iedere augurk in de lengte een kapje af. Hol de augurken daarna met een klein lepeltje zoveel mogelijk uit. Hak het uitgeschepte vruchtvlees en de kapjes ragfijn.

Snijd de salami in smalle reepjes en hak de paprikasliertjes in zeer kleine stukjes.

Vermeng in een kom het vruchtvlees van de augurken met sa salami, mayonaise en paprikasliertjes. Proef het mengsel en voeg naar smaak wat peper en zout toe.

Snijd aan de onderzijde van iedere uitgeholde augurk een zeer dun plakje af zodat ze stevig blijven liggen. Vul de uitgeholde augurken met het salamimengsel.

Serveer de gevulde augurken bijvoorbeeld in combinatie met pikante kaaszebra’s en kaasschuitjes met ananas.

Kroketten maken

Kroketten maken; heerlijk als snack tussendoor. Lees hier het volledige recept, alles over de ingrediënten, de bereiding en handige tips! Kijk ook eens onderaan dit recept. Je vind daar nog veel meer heerlijke recepten van andere hapjes en gerechten.

Bereidingstijd:

50 minuten

Voor:

12 stuks

Benodigdheden bij kroketten maken:

  • toefen krulpeterselie
  • 250 à 300 g. gaar kalfsvlees
  • 55 g. boter
  • 50 g. bloem, gezeefd
  • 4 dl. bouillon, bij voorkeur kalfsbouillon
  • peper uit de molen
  • zout
  • enkele druppels citroensap
  • 2 eieren
  • 4 el. koffieroom
  • kruim van oudbakken wittebrood, paneermeel of beschuitkruim
  • olie of vet voor de frituur

Kroketten maken, hoe gaat dat?

Hak een deel van te peterselie ragfijn. Bewaar een aantal toefen in hun geheel. Snijd het vlees in kleine blokjes.

Smelt de boter in een pan en voeg de bloem toe. Roer alles goed door en blijf roeren tot een gladde massa is verkregen. Voeg de bouillon er beetje bij beetje onder voortdurend roeren aan toe. Blijf zo lang roeren tot een vrij dikke saus is verkregen. Laat de saus gedurende 3 minuten heel zachtjes doorkoken. Voeg het kleingesneden kalfsvlees en de peterselie toe en breng de ragout op smaak door het toevoegen van wat peper, zout en enkele druppels citroensap. Neem daarna de pan van de warmtebron.

Splits de eieren. Roer de dooiers in een kommetje los en voeg de koffieroom er aan toe. Roer het mengsel door de nog hete ragout, bijvoorbeeld in een grote ondiepe schaal, afkoelen. Plaats de schaal met de ragout daarna in de koelkast. Trek voor het afkoelen en koud worden tenminste 3 uur uit alvorens je start met kroketten maken.

Roer de eiwitten in een diep bord los en voeg al roerende 1 à 1½ eetlepel koud water toe. Stort het broodkruim (of paneermeel of beschuitkruim) eveneens in een diep bord.

Verdeel de ragout in 12 gelijke porties. Vorm van ieder portie, bijvoorbeeld met behulp van twee eetlepels, een kroket. Wentel de kroketten na het vormen eerst door het broodkruim, daarna door het losgeroerde eiwit en daarna opnieuw door het broodkruim. Druk het broodkruim, paneermeel of beschuitkruim zo goed mogelijk in de kroketten. U kunt ze na het paneren ook nog eenmaal door een dun laagje broodkruim, gestrooid op het aanrecht of werkblad, rollen.

Verhit de olie of het vet tot 180 graden. In de frituur kun je ongeveer 3 à 4 kroketten maken tegelijk. Na 5 à 6 minuten zullen ze mooi goudbruin en goed warm zijn.

Serveer de kroketten op een voorverwarmde schaal. Garneer de schaal met toefen gefrituurde krulpeterselie. Daartoe maakt u een klein bosje peterselie zo droog mogelijk en bakt ze slechts enkele seconden in de hete olie of vet. Laat ze daarna even uitdruipen.

Variatie: van de in het recept voor kroketten aangegeven hoeveelheid kunt u circa 50 bitterballen bereiden. Maak de bitterballen niet veel groter dan walnoten. Bak nooit meer dan 8 à 10 stuks tegelijk in de hete olie of vet.

Toost met ham en kip

Bereidingstijd:

30 minuten

Voor:

12 stuks

Benodigdheden:

  • 1 ei
  • 2 borstfilets van kip, samen ca. 350 g.
  • peper uit de molen
  • zout
  • 1 mespunt paprikapoeder
  • 60 g. boter
  • 4 plakken gekookte (achter-) ham, samen ca. 80 g.
  • 3 el. mayonaise
  • 1 el. tomatenketchup
  • 1 tl. rode port (Ruby)
  • 6 grote sneden wittebrood
  • 1 à 1½ el. paprikaboter (zie recept)
  • enkele slabladeren
  • eventueel enkele tomaten

Bereiding toost met ham en kip:

Kook het ei in 8 minuten hard, laat het schrikken onder de koude kraan en pel het. Maak de borstfilets van kip droog met keukenpapier. Vermeng wat zout met peper en paprikapoeder. Wrijf het kippenvlees ermee in. Verhit de boter in een koekenpannetje. Wacht tot het schuim op de boter begint weg te trekken. Bak de borstfilets er aan alle kanten goudbruin in. Temper de warmtebron en laat de borstfilets nog 6 à 7 minuten (afhankelijk van de dikte van de borstfilets) zachtjes verder bakken tot ze gaar zijn. Neem de borstfilets uit de pan. Maak ze droog met keukenpapier en laat ze afkoelen. Rooster de sneden wittebrood. Bestrijk ze met de paprikaboter en beleg ze met de plakken ham. Snijd iedere boterham daarna in twee gelijke delen. Vermeng de mayonaise met de tomatenketchup en de port. Voeg er naar smaak wat zout en peper aan toe. Bestrijk de ham op de gehalveerde boterhammen er mee. Snijd de borstfilets van kip in de lengte in niet al te dunne plakken. Leg de plakken eveneens in de lengterichting op de gehalveerde sneden brood.

Serveer de sneetjes op een met slabladeren belegde schaal en schik er het in parten gesneden hard gekookte ei en eventueel enkele in parten gesneden tomaten bij.

Flensjes met ham en spinazie

Bereidingstijd:Flensjes met ham en spinazie

50 minuten

Voor:

12 stuks

Oventijd:

15 à 18 minuten

Oventemperatuur:

225 graden

Gasovenstand 5-6

Benodigdheden voor de flensjes:

  • 150 g zelfrijzend bakmeel
  • 1 mespunt zout
  • 2 eieren
  • ½ l melk

Voor de vulling:

  • 750 g spinazie
  • peper uit de molen
  • zout
  • 50 g geraspte belegen Goudse kaas
  • eventueel 1 mespunt geraspte nootmuskaat
  • 2 el. kruim van oud wittebrood of beschuitkruim
  • 12 dunne plakken gekookte ham, samen ca. 225 g

Voor de kaassaus:

  • 25 g boter
  • 25 g bloem, gezeefd
  • 2,5 dl melk
  • 75 g geraspte belegen Goudse kaas

Bereiding flensjes met ham en spinazie:

Zeef bakmeel en zout in een kom. Maak er een kuiltje in en doe er de eieren en een beetje melk in. Roer met een handmixer vanuit het midden alles tot een klontvrij beslag is verkregen. Voeg bij gedeelten de resterende melk er al roerende bij. Smelt in een kleine koekenpan een klontje boter en schenk een dun laagje beslag in de pan zodat de bodem net bedekt is. Bak het flensje aan weerszijden boven een niet al te hoog afgestelde warmtebron goudbruin. Bak op dezelfde wijze nog 11 flensjes.

Zoek de spinazie uit, was ze, verwijder de eventuele zeer dikke stelen. Zet de spinazie met het aanhangende vocht op. Laat de groente onder voortdurend omscheppen in 5 minuten slinken. Laat de spinazie daarna op een vergiet uitlekken. Druk er met de platte hand op en verwijder zoveel mogelijk vocht. Hak of maal de spinazie fijn. Doe de spinazie over in een kom. Voeg peper, zout, de geraspte kaas en eventueel nootmuskaat toe. Doe er vervolgens het brood- of beschuitkruim bij. Schep alles goed om.

Bereid de saus door eerst een roux te maken. Smelt de boter in een pannetje voeg de gezeefde bloem in één keer toe en blijf zo lang roeren tot een egale massa is verkregen. Voeg de melk, beetje bij beetje onder voortdurend roeren toe. Blijf zo lang roeren tot een volkome gladde saus is verkregen. Los er al roerende de helft van de kaas in op en voeg naar smaak wat peper en zout toe.

Verwarm de oven voor tot 225 graden. Beboter een ovenvaste schaal. Beleg ieder flensje met een plak ham. Schep er een deel van de spinazie op. Strijk de groente over de plak ham uit. Zo gelijkmatig mogelijk. Rol de flensjes op en leg ze naast elkaar in de schaal. Schenk de saus er over en bestrooi daarna alles met de resterende geraspte kaas. Plaats de schaal op het rooster in het midden van de oven en laat een fraai, goudgeel, korstje op de flensjes bakken. Reken op een oventijd van circa 15 minuten.

Serveer de flensjes in de schaal. Schep ze aan tafel op kleine, eventueel voorverwarmde bordjes en geef er klein bestek en servetjes bij.

Drink hierbij een koele droge witte wijn. Bijvoorbeeld een Verdicchio uit Italië.

Pikante soesjes

Bereidingstijd:Pikante soesjes

20 tot 30 minuten

Baktijd:

20 minuten

Voor:

15 stuks

Benodigdheden:

  • 1 recept beslag voor kaasoliebolletjes (zie recept)
  • geklopt ei voor het bestrijken
  • zout en versgemalen zwarte peper
  • 175 g. roomkaas op kamertemperatuur
  • 1 tl. tomatenpuree
  • 1 el. gesneden bieslook
  • 100 g. magere gekookte ham, gesneden
  • 25-50 g. amandelsnippers

Garnering:

  • Fijngesneden, verse peterselie

Bereiding pikante soesjes:

Maak het beslag precies zoals aangegeven bij de kaasoliebolletjes, maar doe er geen geraspte kaas bij. Kruiden erbij doen. Af laten koelen. Spuit vingers van de choux-pasta van ongeveer 2,5 cm lang met een grote slagroomspuit en een gewoon mondstuk van 1 cm. op een ingevette bakplaat. Insmeren met het geklopte ei. Bestrooien met de amandelsnippers. Bovenin een voorverwarmde over op 200 graden, gasstand 6, ongeveer 20 min. Bakken, tot ze gerezen zijn en goud van kleur. Op een koud bord leggen en onmiddellijk met een scherp schilmesje aan de zijkant van ieder soesje een snee maken. Hierdoor kan de stoom ontsnappen. Laten afkoelen. De vulling: mix de roomkaas, room en tomatenpuree. Roer er de bieslook en de ham door. Kruiden naar smaak. Vul de soesjes met het roomkaasmengsel m.b.v. een grote slagroomspuit met een gewoon mondstuk van 1 cm, of een theelepel. Onmiddellijk opdienen, bestrooid met de gesneden peterselie. Eet smakelijk!

Pikante chiliballetjes

Bereidingstijd:Pikante chiliballetjes

20 minuten

Baktijd:

10 minuten

Voor:

30 snacks

Benodigdheden:

  • 300 g. rauw rundergehakt
  • 50 g. verse kruimels bruinbrood
  • 1 kleine ui, fijngesneden
  • 2 tl. fijngesneden oregano
  • 2 tl. gemalen chilipoeder
  • 1 el. tomatenpuree
  • 2 tl. mosterd
  • zout en versgemalen peper
  • ½ losgeklopt ei
  • gekruide bloem
  • 25-50 g. knoflookboter, gesmolten

Bereiding pikante chiliballetjes:

Doe het gehakt in een grote beslagkom. Voeg de broodkruimels, ui, oregano, chilipoeder, tomatenpuree, mosterd en kruiden toe. Goed roeren. Bind het mengsel met het geklopte ei. Rol theelepels van het mengsel tot kleine gehaktballetjes. Tenslotte door de gekruide bloem rollen. Bestrijken met de gesmolten knoflook-boter en grillen onder een middelmatig hete grill. Zo nu en dan de balletjes keren tot ze overal even bruin zijn. Serveren op cocktailprikkers, met apart erbij de Zeemix dip (zie recept). Let op: dit aperitiefhapje kan koud of warm geserveerd worden, mits binnen twee uur na bereiding. Eet smakelijk!

Perzik met parmaham

Bereidingstijd:Perzik met parmaham

20 minuten

Voor:

ongeveer 45 stuks

Benodigdheden:

  • 2 grote, rijpe perziken
  • 100 g. parmaham
  • cocktailprikkers

Bereiding perzik met parmaham:

Schil de perziken; dit gaat veel gemakkelijker, als u ze eerst 1-2 minuten in kokend water laat schrikken. Snijd de geschilde perziken doormidden en haal de pit eruit. Snijd iedere helft in blokjes. Snijd de ham in dunne repen en wikkel die om de stukjes perzik. Vastzetten met een cocktailprikker. Koud serveren. Let op: als er geen verse perziken te krijgen zijn, gebruikt u dan uitgelekte stukjes ananas uit blik of blokjes verse meloen. Eet smakelijk!

Kleine saucijzenbroodjes met appel

Bereidingstijd:Kleine saucijzenbroodjes met appel

30 minuten

Baktijd:

20 minuten

Voor:

30 snacks

Benodigdheden:

  • 350 g. diepvries-bladerdeeg, ontdooid
  • 450 g. worst van varkensvlees
  • 1 handappel van 100 g., geschild, zonder klokhuis en gesneden
  • zout en versgemalen zwarte peper
  • bloem
  • 1 losgeklopt ei

Bereiding kleine saucijzenbroodjes met appel:

Het deeg uitrollen tot een dikte van ongeveer 5 mm. En in twee repen van ongeveer 10 cm. breed snijden. Meng de appel en de kruiden door het vlees. Maak er twee lange rollen van als vulling voor het bladerdeeg. Bestrooi het vlees licht met gekruide bloem en leg de repen deeg klaar. Bestrijk de randen van elke reep deeg met het geklopte ei. Vouw het deeg om het vlees en sluit het. Druk met de botte kant van een mes de randen aan en schulp ze. Maak met een scherp keukenmesje twee sneden bovenaan elke rol met een tussenruimte van 1 cm. om de stoom te laten ontsnappen. Helemaal met ei bestrijken en in stukjes van 2,5 cm. snijden. Op een vochtige bakplaat leggen en net boven het midden van een voorverwarmde oven op 210 graden, gasstand 7, bakken in ongeveer 20 minuten, tot ze goudbruin zijn. Het beste warm te serveren. Eet smakelijk!